top of page

‘Alle waar naar zijn geld’

Een rubriek over de waarde van een object. Wanneer krijgt iets waarde en waarom? Waar zie je dat aan? Een gesprek met kunsthistoricus en iconen-handelaar Simon Morsink over de ‘Doop in de Jordaan’, een Kretenzische icoon uit begin 17de eeuw.

‘Het mooie zit ‘m in hele kleine details waarbij je persoonlijke expressie ziet van de kunstenaar’  

‘Kretenzische iconen zijn eigenlijk nooit echt in de mode geweest. Even, eind jaren zeventig van de vorige eeuw, was het kopen van iconen, met name Russische, een soort hype. Mijn vader was in die tijd overgestapt van een algemene antiekpraktijk naar iconen. Het was nieuw en hij was er totaal door gegrepen. Plotseling zakte de markt in toen kranten ineens vol stonden over een bij Christie’s geveilde iconen-collectie. Een Russische specialist schreef dat alles vals was. Dat was in de tijd dat het ijzeren gordijn nog dicht was en nog nauwelijks bekend was wie nu de echte specialisten waren. Pas later werd duidelijk dat die expert zeer omstreden was en dat die collectie eigenlijk van hele goede kwaliteit was.  Maar toen was de schade al aangericht. Eind jaren tachtig studeerde ik als kunsthistoricus af op iconen en was de markt inmiddels geworden wat die nu is, een stabiele markt.

 

Iconenverzamelaars bestaan grofweg uit twee groepen, de gerichte verzamelaar en mensen die een of twee keer een icoon kopen. Tachtig procent van onze klanten is verzamelaar. Een enkele keer verkopen wij nog een icoon in Nederland, maar de echte verzamelaars zitten in het buitenland. Die treffen we op beurzen als TEFAF Maastricht en thuis. Wereldwijd hebben wij een tiental vaste klanten, Europeanen en vaak Russen. 

‘Kwaliteit zie je in een oogopslag, maar alleen na het zien van duizend andere iconen.’ 

De 15e eeuw is de bloeitijd van de iconenkunst, de tijd dat de grote Andrej Rublow zijn grote triomfen vierde. Byzantium was in 1453 gevallen en stadstaten zoals Moskou bloeiden op. Bij het langzame instorten van het Oost Romeinse Rijk waren tussen het eind van de 14de en het begin van de 15de eeuw ook al veel schilders naar Kreta gevlucht. Dat eiland was in die tijd onderdeel van de stadstaat Venetië waar de oude oosterse Byzantijnse cultuur samenkwam met de westerse nieuwe renaissancekunst. Waar renaissanceschilders perspectief ontdekten met een punt in de verte, hadden iconenschilders het snijpunt bij te toeschouwer liggen. Zo word je een mystieke wereld in getrokken. De achtergrond is vaak goud en zilver en dat komt volgens de middeleeuwse traditie het dichtst bij het goddelijke licht. Iconenschilders creëren geen diepte door middel van schaduwen, zoals bij Westerse, naturalistische kunst, maar door middel van het licht, met wit. Het platte van de figuren geeft een vervreemdend effect. 

Als ik iconen koop, dan kijk ik naar wat het werk met me doet en voel dan wat ik soms ook bij een modern schilderij ervaar, zoals bij deSterrennacht van Van Gogh. Het hoeft niet perse mooi te zijn. ‘Mooi’ is een subjectieve ervaring. Kwaliteit van de schildering is het allerbelangrijkste en dat herken ik doordat ik een residu in mijn hoofd heb van duizenden beelden die ik eerder heb gezien. Je moet flink wat vlieguren maken om kwaliteit te herkennen. Belangrijk is dat de icoon zo weinig mogelijk is gerestaureerd, dat je de oorspronkelijke hand van de meester ziet. Technisch onderzoek heeft de afgelopen decennia enorm veel opgeleverd, maar het blijft altijd een hulpmiddel. Het kan nooit het uitsluitsel geven, daar heb je toch ook altijd weer het kennersoog bij nodig. Het prijsverschil tussen Kretenzische iconen kan dan ook enorm zijn, van tienduizend tot wel twee ton, met soms nog een uitschieter naar boven. 

Iconen werden in de regel niet gesigneerd, 16de- en 17de-eeuwse Kretenzische iconen soms wel. Met een handtekening zijn ze vaak heel veel geld waard. De grote Russische schilders als Dionysij, Feofan Grek en Andrej Rublow signeerden nooit. Bij de meeste ikonen koop je dus niet om de naam. Daarom moet je ontzettend goed kijken. Iconen worden daarom vooral gekocht door mensen die het puur voor zichzelf kopen, niet om een vriendje te imponeren. 

De Kretenzische schilderkunst had in de 15de tot in de 17de eeuw een absolute topkwaliteit. Dit werk ‘Doop in de Jordaan’ is in het begin van de 17de eeuw geschilderd in Byzantijnse traditie. De compositie is klassiek, met een staande Christus en Johannes bij de Jordaan. Vissen laten zien hoe zuiver het water is. Je ziet Romeinse riviergoden die eigenlijk worden verdreven door het nieuwe verhaal van Christus als God. Het is geschilderd in een geweldige techniek. Je ziet geen schaduw, maar hogingen die met streepjes worden aangegeven. Het mooie van dit specifieke werk zijn de kleine details waarbij je de persoonlijke expressie ziet van de kunstenaar. Dat hij bijvoorbeeld letterlijk buiten de lijntje schildert met de vleugeltjes en blaadjes. Daar wordt de meester zichtbaar.

Morsink Icon Gallery 

Keizersgracht 454 

1016 GE Amsterdam

The Netherlands 

+31(0)20 6200411

IMG_4676.JPG
IMG_4674.JPG
DSC00710.JPG
KAJ-cover-nov18-752x1024.png
bottom of page